GEESTELIJKE BEGEERTE

De begeerte van de ziel
door Mr. Lapuk

In de bijbel staat: "Gij zult niet begeren". En dan komen er een aantal dingen die men als mens niet zou mogen begeren. In de oorspronkelijke versie van de bijbel heeft een heel andere vertaling gestaan van dit gebeuren. Ik zal u proberen uit te leggen wat hiermee ooit en veel later bedoeld was. Geestelijke begeerte staat tegenover stoffe­lijke begeerte.

Voor ik met u het geestelijk aspect van begeerte ga bemediteren en uitwerken, wil ik eerst een aantal stoffe­lijke begeerten met u doornemen. Misschien als tegen­stelling en misschien als voorbeeld: Maar stelt u zich voor dat u over stoffelijke dingen nadenkt, dan bent u als mens en zeker als spiritueel mens geneigd te zeggen: "Dat is niet geestelijk".


Een begeerte aan voedsel, aan chocolade, een begeerte aan alcohol, aan bepaalde stoffen als nicotine en wat dies meer zij, die u als mens schijnbaar nodig denkt te hebben. U kunt er positief, u kunt er negatief over na­den­ken, maar u kunt er pas over oordelen als u het onder­werp begeerte kent. We kunnen namelijk een stap verder gaan: een ander mens begeren.

Soms wordt dat vertaald als liefde, soms als sexualiteit.

Wij zeggen weleens: "Waarin zielen versmelten, waarin aura's in elkaar overlopen en waarin lichamen elkaar vinden." Dat is niet uit te sluiten.  

En soms gaan wij zelfs zover dat wij zeggen: "Sexuele be­geerte is de drang van een ziel om te zoeken naar een goddelijke éénwording.

Sexuele begeerte is de drang om in de ander op te gaan, met ziel, met aura, met bewust­zijn, met gedeelde ervarin­gen en met lichaam." En dat gaat ontzet­tend diep.

Maar het is en blijft begeerte van de stof, van de belicha­ming. Dat heeft op zich­zelf niets spiritueels in zich.

Maar begeerte aan voedsel, begeerte aan macht, begeer­te aan geld, begeerte aan belichaming en sexualiteit is in werkelijkheid precies hetzelfde als geestelijke begeerte. Het is een wanhopig zoeken naar de invulling van een gevoel.


Als u een sexueel gevoel hebt, dan hebt u dat gevoel. Dan kunt u gaan praten van "Dat mag niet, dat mag wèl", maar u hèbt dat gevoel. Als u honger hebt, dan hebt u honger. Dan kunt u zeg­gen: "Ach, je hebt giste­ren, eergisteren pas te eten gehad", maar u hebt honger.

Als u kiespijn hebt, hebt u kiespijn. Het is allemaal een zoeken naar een invulling, een bevestiging van waar u als ziel/mens op Aarde mee bezig bent.


Geestelijke begeerte, is een wanhopig begeren, met àlles wat u hebt, ziel en lichaam samen, naar een eenwording in God. Het kan dus in theorie een stukje sexualiteit in zich ken­nen, maar behoéft dat zeker niet in zich te dra­gen.


Gees­telijke begeerte is per definitie een begeren van het Licht, het begeren van de staat van verlichting. Met andere woorden: dat men als iegelijk mens over situaties heen kan kijken. Begeerte te weten hoe de dag van mor­gen eruit ziet en vooral in moeilijke dagen, dat u weet dat er een uitkomst is. En dat dat moeilijke probleem dat u thans hebt niet langer dan 24, 36, 48 uur duurt.


Moeilijke dagen waar u overheen zou willen kijken. Als iemand in blijde verwachting is, is er vaak de begeerte om meer over het kind te weten, over de ziel van het kind, het kosmisch en geestelijk bewustzijn van het kind en als men daar niet mee uit de voeten kan, dan wil men weten of het een jongen of een meisje wordt.

En afhan­kelijk van het ge­slacht, wordt er dan door de ouders en een aantal andere mensen een hele program­matie ge­maakt van het leven. Een jongen moet maar bij vader in de zaak komen, een jongen moet maar naar een klooster, een meisje is er om kinderen te baren, is er om mannen te behagen... Er wordt een stempel op gedrukt.

Maar pas allemaal nádat de moeder en de vader de be­geer­te gevoeld hebben een kind te willen, de begeerte ge­voeld hebben hoe dat kind er uit zal zien, welk ge­slacht het kind zal hebben.


Aan geestelijke begeerte, mijn lieve vrienden, kan een zeer hoog- en diep spirituele drang ten grondslag lig­gen. Geestelij­ke begeerte is het zoeken naar licht, zei ik, is het zoeken naar de ziel die men zelf is, maar is in de praktijk in het dagelijks leven, het zoeken naar kennis.

Kennis van spiri­tisme, spiritualisme, kennis van astra­le/kosmi­sche infor­matie, begripsvorming, levensrechten en be­staansrechten die astraal en kosmisch voor de mens op Aarde belang­rijk blijken te zijn.

Is begeerte dan niets anders dan een stukje van de toe­komst te willen weten, een clairvoyance, een stukje helderziendheid in ruimte en tijd?!

Zou elke begeerte van de Aarde aan alcohol, nicotine, aan sexualiteit, geld en macht wegvallen, wanneer een mens het eind van zijn leven zou kunnen zien?!


Als dat waar was dan zou God alle mensen helderziend maken. Want dan zou er geen pro­bleem meer zijn op Aarde, geen zoeken naar macht, geen wanhopig zoeken naar warm­te, naar liefde, bij soms de verkeerde punten op Aarde.

Begeerte is een stukje herinnering en die herinnering terug proberen vinden in uzelf en die zichtbaar probe­ren te maken buiten uzelf. Dat is begeerte.

Begeerte als herinnering, is het gevoel hebben in uzelf als ziel, dat u als ziel uit God ontsproten bent, de herinnering aan de geboorte uit de buikholte van God. Maar dan tegelijkertijd de transformatie en de begeerte om terug te keren in die moederschoot, terug te keren in de buikholte van God, maar tegelijkertijd te weten dat er levens en levens en levens tussen liggen, dat er informatiestromen, erva­ringen tussen liggen.


En als er dan iemand komt die zegt: "Met harddrugs, softdrugs kunt u uw bewustzijn openen en verrui­men, dan kunt u uw Rad van Wedergeboortes doorbre­ken", dan zal door een bepaald aantal mensen dat woord ge­loofd worden.

De begeerte om harddrugs en softdrugs te gaan gebrui­ken, zal het zoeken zijn naar de begeerte om eerder thuis terug bij God te zijn, direct of indirect.

Al wordt dit laat­ste vaak stoffelijk verkeerd vertaald. Maar de trilling die eronder ligt is de trilling van de ziel.


Sommige mensen werken hard voor hun gezin, voor zichzelf, voor hun werkgever en vinden dat ze ontspan­ning moeten hebben. Het komt hun toe, het is hun recht. Ze zijn vol begeerte naar hun vrije dag. Ze zijn vol be­geer­te naar hun manier van ontspanning en als die ont­span­ning niet vaak en regelmatig genoeg plaatsvindt, dan zal er een buitenissige, zeer bijzondere manier van ont­span­ning voor in de plaats komen.

En wanneer daar geen tijd of geen geld voor is of men kan door andere omstan­dig­heden hier niet aan toege­ven, dan wordt de behoefte aan die buitenissige en bizar­re vorm van ont­spanning alleen maar sterker.

Is dat dan verkeerd, is dat dan stoffelijk, is dat dan bizar of buitenissig?

In eerste instantie zeker niet. Het is het zoeken van die mens om zijn maatschappelijk zijn, zijn geld verdienen voor zijn gezin te kunnen invullen. Naast het hard werken voor zijn werkgever en misschien niet altijd naar behoren beloond worden.., moet er dat gevoel zijn van immense 'zielebevrediging', iets voor jezelf te kunnen doen.


Sommige mensen doen dat door geld uit te geven. Ande­re mensen doen dat door lichamelijk of geestelijk ergens doorheen te gaan, in een nieuwe fase binnen te stappen, omdat ze zichzelf, geestelijk gezien willen bevredigen.


Hun dagen en nachten lang werken dient een compensa­tie te hebben, een bevrediging voor het harde wer­ken.

Mensen die als mens op Aarde dan toch een iets oudere ziel bezitten, die komen in een situatie dat die ziel erken­ning wil hebben. 150-, 200-duizend jaar, 250- duizend jaar, 300-duizend jaar.. en dan geperst in dat menselijk lichaam, in de belichaming op Aarde, voelt als in balling­schap. Geperst in een lichaam wat erfelijkheidsfac­toren kent en wat misschien zelfs ziektes geërfd heeft, ziektes die karmisch gezien bepaalde karmische re­flexen uit eerdere incarnaties dienen uit te werken.


Al die mensen hebben een behoefte aan zelfbevestiging. Ze moeten een partner hebben, die van die mens houdt. Ze moeten kinderen hebben die tegen die ouders opkij­ken. Ze moeten een werkgever hebben die ze de bevredi­ging van hun intensieve werkzaamheden geeft. Als die er niet is, zijn er twee mogelijkheden: Men zoekt het in een stoffelijke bevrediging, in macht, in geld, in sexualiteit, in eer, in andere facetten des levens zoals alcohol, soft- en harddrugs.

Of het is de andere zijde van de medaille: men kiest voor het geestelijke. Men probeert die ziel erkenning te geven. Men gaat vanuit de zielekracht op zoek naar die bevredi­ging: geestelijk/spirituele bevrediging. Er is in die ziel het gevoel, de herinnering dat ergens in het verleden die geboorte uit God heeft plaatsgehad. Er is in die ziel het gevoel 'zo lief had God de wereld', dat zelfs die negatie­ve levens, die onprettige levens wel een funktie gehad zullen hebben. Maar dan is het nu op dit moment tijd geworden om een prettig leven in te vullen, een zielele­ven.


Men kan niet allen voorganger worden, geestelijk genezer of genezeres. Men kan niet allen een evangelisatie-cam­pagne aangaan, maar bij de grootste gemene deler van mensen die een spiritueel gevoel in zich hebben en vanuit die bevrediging hun geestelijk gevoel willen bevredigen, ontstaat een tendens om te wéten, te weten hoe de astrale wereld eruit ziet, te weten hoe men vanaf de Aarde, vanuit zijn menszijn met die astrale wereld in contact kan komen, te weten of men het misschien ook zelf kan en daar geen anderen, wel of niet mediums, voor nodig heeft.

Te weten, dat als men 's avonds naar bed gaat, dat die ontkoppeling er toch moet kunnen zijn en die ziel zich weer thuis moet kunnen voelen in de sferen, gedu­rende die nachtelijke uittreding.


Geestelijke begeerte, lieve vrienden, is het zoeken naar: U zelf, het Licht, naar God, de herinnering. Zelfs een misdadiger - zo zegt u op Aarde - heeft iets goeds. En natuurlijk is dat zo. De misdaad is vaak de uiterlijke vorm. Ik kan, mag en wil niets goedpraten, ik wil geen pleidooi voor misdadigers gaan houden, maar ik zeg wel: In elke misdadiger op Aarde zit een ziel. Het is vaak een complex van factoren, dat al of niet door zelfveroorzaking tot stand gekomen is, maar het is er.


Eén van die factoren is vaak, een geestelij­ke bevrediging zoeken. Of misschien beter gezegd: gees­telijk niet tevre­den en onbevredigd zijn in zichzelf en het dan maar in de maatschappij gaan zoeken: alcohol, sexualiteit en drugs. Het is het yin- yangprincipe: Wat je zaait zul je oogsten. Karma: oorzaak en gevolg.

Maar als de oorzaak van uw zielegeboorte tot gevolg heeft, dat u zich altijd als ziel herinnert wie u bent, waar u van­daan komt en wat uw reïncarnatie-opdracht is..., mijn lieve vrienden, dan zult u gaan ont­dekken dat de gees­telijke begeerte niet meer ophoudt bij het bijwonen van spiritue­le bijeen­komsten, niet meer ophoudt bij het lezen van boeken over spirituele zaken des levens, in de ruimste zin des woords.


Totdat de mens op zoek gaat naar een eigen ervaring, want het gaat om die mens zelf, niet om de ander als voorbeeld. Sommige mensen hebben een gevoel van geluk als andere mensen gelukkig zijn.

Maar de grootste gemene deler is toch niet ècht geluk­kig, als ze te horen krijgen dat de hele maatschappij gelukkig is, genoeg geld heeft, tevreden is en ze verke­ren zelf in armoede.


Ik zeg niet dat ze jaloers zijn. Ik zeg toch dat er een gevoel van onmacht is op dat moment. Als u boeken leest over mediums, over de astrale wereld, over geeste­lijke zaken des levens, dan zal een klein aantal mensen daar weliswaar genoegen mee nemen, maar de grootste ge­me­ne deler zal niet tevreden zijn. Die zal een gevoel van onmacht ervaren: "Als de ander het kan, waarom ik dan niet?"

Het heeft niets te maken met durven, het heeft niets te maken met gestuurd worden door anderen, maar het heeft te maken met de mens die u zelf bent.


Mijn lieve vrienden, in beginsel wilt u allen weten hoe oud u als ziel bent. In beginsel wilt u allen weten op welk moment in de tijdsspanne van de evolutie u uit God ontsproten bent. In den beginne wilt u allen weten waar u vandaan komt, uit welke sfeer, wie en wat u hebt achtergelaten, waarom u juist deze ouders gekozen hebt, waarom juist deze partner, deze kinderen. In den beginne hebt u een spirituele begeerte om te wéten.


Pas na een aantal teleurstellingen zegt u: "Ach het inte­resseert mij niet meer zo. Ik moet het NU doen in een menselijke gedaante op Aarde. Ik ben NU mens en het maakt niet uit wat ik gisteren geweest ben. Het maakt niet uit waar ik morgen naartoe ga. Als ik nu een goed mens ben, dan lukt het mij wel." Neen, lieve vrienden, dat is een drogreden. Omdat u als mens niet of nauwe­lijks in staat bent helder te zien in de geest, maar u bent weldegelijk geïnteresseerd. U bent weldegelijk bereid geld, maar ook andere energievormen vrij te maken, om aan de weet te komen, wanneer uw partner zojuist aan u is voorgegaan, hoe hij of zij het maakt.


Het is het wanhopig zoeken naar die goddelijke eenwor­ding met de ander, u hebt het gevoel uit elkaar ge­scheurd te zijn door de dood. Het is de begeerte om het gevoel van gisteren, van geluk, weer terug te vinden na de schei­ding. Het is dezelfde begeerte.

Het is dezelfde begeerte het gevoel God weer te voelen, na de geboorte, na de scheiding uit God.


Mensen zijn nieuwsgierig naar stoffelijke dingen, maar ook naar spirituele zaken. Zolang stof en geest hand in hand gaan en u de mantra: "Geef uw ziel wat uw ziel toekomt en geef uw lichaam wat uw lichaam toe­komt" kunt begrijpen, of tenminste in stand kunt houden. Dan valt het allemaal nog wel reusachtig mee. Maar stelt u zich voor dat de geeste­lijke begeerte, de godsgeleerdheid in uzelf, zulke vormen aan gaat nemen dat u priester wilt worden, bisschop misschien, of dat u paus wilt worden, hoofd van een grote kerk op de we­reld... Of misschien, dat u vanuit uw godsgeleerdheid probeert de bijbel te vertalen, vanuit uw godsgeleerdheid probeert op de plaats van God te gaan zitten..

Mijn lieve vrienden, dan bent u voor de Aarde verlo­ren. U bent op dat moment voor de Aarde verloren. Behalve, als er dingen zijn die u stoffelijk begeert: men­sen, sexua­liteit, alcohol, drugs, geld, macht, uw huis.., iets wat u vast­houdt op de Aarde.


Stelt u zich voor, dat u het omdraait en dat u uw intellect zodanig gaat sturen en ontwikkelen, dat u hoofd van het grootste concern van de planeet Aarde zult worden, dat u president van het grootste rijk van uw wereld wilt, kunt en ook zult worden.

Iedereen op Aarde luistert vanaf dat moment naar u en u doet het nog goed ook, zonder misbruik te maken van andere mensen, maar op stoffelijke wijze: geld, macht, passie, begeer­te... Dan zult u een spirituele tegenhanger moeten heb­ben, anders blok­keert u uw geweten en uw eigen gevoel, anders blokkeert u dat wat u zelf bent...


"O", denkt u dan, "dat is niet zo erg", want om die top te bereiken moet je dat geweten al lang gesust hebben. Om die top te bereiken moet dat gevoel al lang tot vol­tooid verleden tijd behoren.

Mis­schien, maar op een bepaalde dag - een goede of een kwade dag is ter uwer beoordeling -, komt er iemand in uw bedrijf solliciteren, iemand van het andere geslacht.

U hebt alles in de hand en u kijkt de ander in de ogen en op dat moment trilt het fundament van uw concern, want uw fundament trilt op haar grondvesten. U bent niet meer zeker van... U bent bang die ander te verliezen. U bent bang... Angst... En angst hebt u nu juist nooit in dat concern kunnen ver­werken.


De geestelijke stabiliteit is zeker ook in het stoffelijke belangrijk. Begeerte, lieve vrienden, is niets anders - en vergeeft u mij deze uitdrukking - als een hond een stok voorhouden met een stuk vlees er­aan. Dat dier gaat wel harder lopen, maar weet niet waar naartoe. U moet het besturen.

U kunt uw passie en uw begeerte opvoeren, geestelijk en stoffelijk en uw karma komt weldegelijk in versnelling, maar als u het niet bestu­ren kunt, al of niet op grond van uw eigen evolutie, vindt u het dan vreemd dat u geeste­lijk de val niet gezien hebt, dat u stoffelijk de muur niet hebt waargenomen.

Vindt u het dan vreemd, dat er een dag komt waarin dat hele concern trilt op zijn grondvesten en uw geweten misschien gesust, maar uw gevoel totaal uit balans is.


Lieve vrienden, begeerte is per definitie altijd een bege­ren naar God, omdat u als ziel uit God afkomstig bent. En u bent een ziel. U bent nooit een stukje van de ander, u bent een individu. "IK BEN", zei Christus. U BENT. U...

U kunt dingen samen doen in de kracht van WIJ. U kunt een collectief maken, maar de wereld moet een leider hebben. De wereld moet het gevoel hebben dat er een schouder is om op uit te hui­len, een schouder om mee te lachen. Maar de wereld moet ook het gevoel hebben, dat wanneer het verkeerde be­geerd wordt, dat men altijd de verantwoordelijkheid op een ander kan afschuiven.


Lieve vrienden, de begeerte uit God is de begeerte van een ziel naar het Licht, naar liefde, naar warmte, naar genegenheid, naar communicatie, naar pais en vrede en harmonie tot in het oneindige en alle andere randver­schijnselen daaromheen.

Het zijn randverschijnselen, ze zijn van de Aarde, dus minder belangrijk en zijn gekomen na de ziel. Eerst was er God. Toen heeft God de zielen geschapen. U bent geest en bent maar tijdelijk op Aarde mens.

Dien­aan­gaande is alles van de Aarde onderhevig aan de ziel, ook moord, doodslag, agressiviteit, ook begeer­te van de stof, ook begeerte naar het lichaam van de ander, ook begeerte!


Er was eens een monnik die ontzet­tend veel levens had ingevuld en in verschillende tempels opleidingen had genoten. Ook in zijn huidig leven had hij veel kennis ontvan­gen, gedeeld en ook later gedoceerd.

Op zekere dag kwam hij 's avonds aan in een kloos­ter. Hij wilde daar de nacht doorbrengen tenein­de de volgen­de dag verder te gaan op zijn tocht.

In dat klooster was iemand die geestelijke kennis had, iemand die misschien meer kennis bezat dan onze mon­nik, maar die er tenminste - zo het minder geweest zou zijn - beter mee om kon ­gaan.


En ineens begreep de monnik dat hij oud geworden was en niet meer zo lang te leven zou hebben. Hij mediteerde over al zijn eerdere incarnaties, zijn kennis, zijn leraar­schap, zijn geneugten die hij had afgezworen, zijn ont­hechting, zijn meditatie...


En toch was er iemand plotseling zómaar op zijn pad gebracht, die meer kennis bezat of met minder kennis beter kon om­gaan. En op dat moment bemediteerde onze monnik hoé aan diezelfde kennis te komen.


En na een hele nacht van meditatie had hij de oplossing gevonden, althans dat dacht hij. Hij wilde versmelten met de ziel van de ander, teneinde de wet van de communi­ce­rende vaten te hanteren: wat van zijn onkunde aan de ander te geven en wat van de kennis van de ander te ontvangen.
Dan zouden ze even sterk zijn en zou zijn begeerte zijn ingevuld. Zijn begeerte om misschien de sterkste of bijna de sterkste monnik in dat gebied te zijn. Maar hoe kun je nu met de ander versmelten, dacht hij. Hij verzocht nog een of twee dagen te mogen blijven. Dat werd toegestaan en hij probeerde een vriendschap­pelijke relatie aan te gaan...een heel warme, liefdevolle, intieme relatie van ziel tot ziel.


Maar.., tussen die twee zielen zaten twee lichamen en twee aura's. Ze kwamen dichter bij elkaar, hun aura's versmolten en het was een ontzettend lieve, warme en spirituele relatie. Hun lichamen vergleden in elkaar en de nacht viel... De ochtend brak aan en onze monnik ont­dekte, dat datgene wat hij wilde wel gebeurd was. Alles was gedeeld, gedeelde ervaringen.

Maar hij had het veroorzaakt door macht te willen, door méér te willen. Hij had iets meer, iets meer macht gekregen, maar kon er toch nog niet helemaal goed mee omgaan. En de ander had wat van zijn kracht afgestaan. Onze monnik was dienaangaande verantwoordelijk binnen de wet van kar­ma en viel een hele sfeer terug vanaf dat moment.


Lieve vrienden, u kunt alles begeren wat u wilt, alles... Maar als het goddelijk begeren de basis niet is, dan zult u altijd onontkoombaar binnentreden in de wet van kar­ma, oorzaak en gevolg. Wat u zaait zult u oogsten.


Geestelijke begeerte, is de begeerte te willen leren hoe u een beter mens kunt worden, te willen leren hoe u uw eigen persoonlijkheid kunt leren kennen en die met de ander kunt delen, IN ERKENNING EN OVE­RGAVE VOOR DAT WAT DE ANDER IS.., zonder kwetsbaar te zijn.

Want God is niet kwetsbaar lieve vrienden.

Geestelijke begeerte, is het zoeken naar een manier om van iemand die onwetend is, in één leven een wetende te worden.

Geestelijke begeerte, is proberen van een we­ten­de een ingewijde te worden.

Geestelijke begeerte, is het zoeken van iemand die inge­wijd is naar iemand die het absolute Licht kent en daar­mee kan om­gaan.


U ziet, er zijn altijd overtreffende trappen. De begeerte om terug te keren in God is in mensen zo sterk, dat in ieder leven elk mens geconfronteerd wordt met het spiri­tuele. De begeerte van 'zo boven zo beneden', yin en yang of welke woorden u wilt gebruiken, kan niet door elk mens in spirituele gevoelens worden uitgedrukt. Soms is het bewustzijn van die ziel niet groot genoeg, omdat het een jonge ziel is. Soms is men niet schuldig, omdat men in een heel ander stramien van denken is opgevoed. Soms komt men door omstandigheden op een weg, die men zelf als mens en misschien als ziel niet gezocht heeft.


Men is dienaangaande niet altijd aansprakelijk. Maar vanaf het moment dat men WEET - en hij die weet is verlicht - op het moment dat u uw licht, uw verlicht licht laat schijnen over uw leven, kunt u niet meer zeggen: "Ik heb het niet geweten". Dan kunt u niet meer zeggen: "Door omstandigheden..", neen, u bent in die situatie gekomen, al of niet door uw eigen krachten of onvermo­gens.

Zo werkt vaak de wet van karma: oorzaak en gevolg. Zo werkt vaak de begeerte naar belichaming als men in de astrale wereld is, de passie, de drang om geboren te worden, te weten dat net als Christus en Mr. Boeddha, alleen en uitsluitend op Aarde een incarnatie kan worden ingelost. Weten dat men het op Aarde moet doen onder de mensen en tussen de mensen en niet alleen en uitslui­tend in de astrale wereld.


Het is de begeerte van een ziel om geboren te worden. U zou kunnen zeggen, die begeerte vind je niet terug in mensen, wanneer ze hun leven op Aarde willen beëindi­gen, omdat ze oud geworden zijn. Omdat hun lichaam niet meer in staat bleek de ziel vast te houden.

Maar..'­niet meer in staat bleek' betekent dat het zelf geen stemrecht had, geen bestuursrecht, dat het de ziel was die de begeerte had terug te keren naar de astrale wereld. Want de stof heeft daarin niets in te brengen en gelukkig maar.


Het betekent, mijn lieve vrienden, dat de ziel die u bent altijd dominant en altijd heer en meester is over het lichaam wat u hebt. Ook al vindt u dat eens niét zo leuk. Ook al doet dat soms pijn. Maar pijn aan de ziel bestaat niet. Het is vaak een teleurstelling, een door u of mis­schien door omstandigheden verkeerd gekozen verwach­tingspatroon. De teleurstelling doet pijn. Niet zozeer naar de ander, als wel het gevoel 'Ik heb mij vergist, ik had iets anders verwacht'. Als u weet dat u elke avond om tien uur een stomp in uw maag krijgt, dan zal dat één keer onverwachts gebeuren en dan is de reflex verschrik­kelijk. De kracht van het onverwachte.

Maar als u vanaf dat mo­ment weet en te horen krijgt, dat u het elke avond weer zult ondergaan, dan zult u uw spieren gaan span­nen. U zult uw gevoel proberen uit te schakelen. En na een of twee keer zegt u: "Ach, het doet mij niets meer. Sla mij maar." U staat buiten de emotie.

U hebt het hele­maal in uw hand, zoals God de Schepping in Zijn hand heeft. U hebt het helemaal ingekapseld, geprogram­meerd. U bent er heer en meester over.


En de ander kan u misschien lichamelijk nog wel raken, maar het heeft niets meer met uw gevoel te maken, het heeft niets meer met uw boos zijn of met grapjes maken te maken. Het heeft helemáál niets meer met uw ziel te maken.

En toch zeggen mensen vaak in dezelfde situatie: "Men heeft mij op de ziel getrapt", omdat het gebeurt op een moment dat u het niet verwachtte. Juist van die mens niet, omdat u uw verwachtingspatroon anders gesteld had. U had gehoopt dat de ander zou zeggen: "Dank u wel." En de ander deed het niet. En dan zegt U: "Die ander heeft mij..."


Neen, het was de begeerte in uzelf dat 'dank u wel' voor de bevestiging van de daad die u ge­pleegd had. Maar het was tegelijkertijd de begeerte om erkenning. In alles wat u doet, wilt u als mens een erken­ning hebben.

Als u vrouw bent wilt u zich, al is het maar eenmaal in uw leven, vrouw voelen. En dan nog kunt u een leven lang discussiëren over wat het gevoel vrouw te zijn inhoudt.

Als u een man bent zult u eenmaal in uw leven zeggen: "O, het gevoel moet ik kennen, ik ben een man." En dan kunt u een heel leven discussiëren over wat dat nou werkelijk inhoudt. Denkt u anders, voelt u anders, heeft God u anders geboren laten worden als ziel? Of is het slechts de uiterlijke vorm?


Lieve vrienden, ik durf heel ver te gaan: Versmelten met het lichaam van de ander van mens tot mens, is voor veel meer mensen dan u denkt, het gevoel de goddelijke eenwording een seconde te kunnen vasthouden. Want langer kunt u die hoogste cultus der extase niet vasthou­den. Een, twee seconden en dan valt het gevoel terug, als een dier dat melancholiek wordt na de geslachtsdaad.

U weet het, u bent intellectueel en toch doet u het weer.

Omdat dit het zoeken is, wat op Aarde alleen maar door de belichaming tot stand kan komen, maar in de astrale wereld van ziel tot ziel vanuit een veel diepere, geestelij­ke, een astrale passie tot het eindresul­taat zal kun­nen leiden, dat u terugkeert in die buikhol­te van God, waarin u samen als zielen met elkaar die weg bewan­delt.


Geestelijke begeerte begint op Aarde bij de geboorte. Maar u kunt het ook omdraaien en zeggen: Geestelijke begeerte eindigt in de astrale wereld bij de geboorte op Aarde. De begeerte geboren te worden is ingevuld. Dan wordt de begeerte verlegd en is er de begeerte: Als ik later maar groot ben dan..".
Dan is er de begeerte in de puberteit om een mens te begeren, de ander. Dan is er de begeerte een maatschappelijke positie in te vullen en tenminste evengoed, zo niet beter te zijn daarin dan een ander. Dan is daar de begeerte aan bijkomende stoffen die u het leven veraangenamen. Dan is daar de begeerte om iets van uzelf, als u er ooit niet meer zult zijn, op Aarde achter te laten: uw nageslacht. Dan is daar de begeerte...


Ieder mens is een mens van vlees en bloed, om een ziel, een goddelijke kern heen gebouwd. Maar die mens van vlees en bloed is dood zonder de begeerte van de ziel, de be­geerte om te leven. De begeerte naar warmte, geeste­lijk en lichame­lijk. De begeerte om iets van jezelf in de ander te kunnen uitwerken, in je kinderen, in je leerlin­gen, in je patiënten, in je vrienden, in de buitenwereld.


Geestelijke begeerte is eigenlijk een door mij verkeerd gekozen woord. In werkelijkheid, vind ik, is er geen geestelijke maar ook geen stoffelijke, zelfs geen grofstof­felijke begeerte. In werkelijkheid is er alleen begeerte vanuit de ziel. Die ziel is alom - omdat zij goddelijk is - en God is een Algeest, dus alom aanwezig.

De begeerte om de geestelijke herinnering vast te houden aan het begin.
De begeerte om de kracht te hebben dóór te gaan, als het maatschappelijk tegenzit en des­noods een maatschappelijke tegenhanger te verzinnen. Maar ook de begeerte om geestelijk door te gaan en als u het links niet kunt, het rechts te doen.


Sommige mensen hebben een sterkere begeerte dan anderen, denkt men. En vaak wordt dat vertaald naar stoffelijk-menselijke begeerte.

Vooral spirituele mensen denken daar wat laatdunkend over. Maar wat hebben zij gedaan: Ze hebben hun leven, hun karma geaccepteerd, "Ach, het is niet anders. Ach, er is toch niets meer aan te doen. Ach, het is nu eenmaal zo. Ach, er valt toch niets meer aan te veranderen."


Neen, lieve vrienden, die begeerte is stopgezet en die begeerte is eigenlijk min of meer aan de politiek overge­dragen - die moet het maar oplossen -, is min of meer aan een spiritueel leider, de priester, de bisschop, de paus, een ander, een voorganger, een geestelijke overge­dragen: "Die moet de oplossing maar bieden. Want die immers wéét het toch, die is verlicht? Die heeft gestu­deerd."


Maar u hebt de scheppingsdrang, het scheppend vermo­gen en de passie dienaangaande die daarbij nodig is in uzelf stilgezet. Er zijn twee methodes lieve vrienden. In de geestelijke passie die u hebt op de weg naar God, kunt u twee wegen bewandelen. Ik zal proberen ze u beide te kenschetsen. Ik zal er geen oordeel over uitspre­ken, u bepaalt. Maar past u alstublieft op.


De ene weg is de weg waarin u tegen iedereen aardig bent, elke confrontatie uit de weg gaat, nooit hard, nooit met uw vuist op tafel. Het zal een weg zijn waarin u veel vrienden zult hebben, een weg waarin u nauwelijks tot iets komt. Maar ach.., als u leven na leven de tijd hebt immers, dan kunt u het langzaam en zeer systematisch doen zonder fouten te maken.


De andere weg is om uw eigen gevoel te materialiseren, concreet naar buiten te brengen: "IK BEN HIER EN NU AAN­WEZIG EN ZIJ DIE MIJN VRIENDEN ZIJN SCHAREN ZICH MAAR OM MIJ HEEN. ZIJ DIE MIJ LIEFHEBBEN VOLGEN MIJ.
EN ALLE ANDEREN, ACH, DIE LATEN HET MAAR." Om dan later, eens per maand, eens per half jaar, eens per jaar, of eenmaal in uw leven te evalueren of u het goed gedaan hebt. En dan bij te sturen, in alle eerlijkheid en oprechtheid.


Het zijn twee manieren om met het leven om te gaan. De eerste mens zal een mens zijn, die langzaam maar zeker en systematisch zijn weg van karma invult.

De ander zal een leider zijn, zal falen en opnieuw begin­nen en een beter leider dan ooit zijn. De ander...


Ach, natuurlijk is er nog een derde weg. Uw weg, zoals u uw leven inhoud geeft. Misschien is dat de beste weg. Het is in elk geval de weg die u gekozen hebt vanuit de be­geerte om te leven, want u hebt als ziel, als bewuste incarnatie willen leven. De begeerte om een relatie aan te gaan, omdat u niet alleen durfde, wilde zijn. Of misschien voor een enkeling, omdat in de bijbel staat: "Het is niet goed dat de mens alleen zij..."


En een ander koos juist bewust om het in dit leven alléén te doen. Eigen verantwoordelijkheid, eigen keuze, eigen daden, eigen besluitvormingen. En het was dan een leven zonder relaties met weinig vrienden, omdat u de beslis­singen in uw leven altijd alleen wilde nemen en eigen ver­antwoordelijkheid wilde dragen.

Ach, lieve vrienden, u kunt nooit generaliseren. U kunt wel stellen: Wanneer geestelijke begeerte, door mij, door ons, vanuit de astrale wereld gezien wordt als de begeer­te om als ziel geboren te worden, dan heeft het leven op Aarde werkelijk zin. Dan kunt u er als mens soms onpret­tige ervaringen in hebben.


Maar kijk niet naar het NU, kijk naar gisteren, vandaag en morgen...en u hebt uw karma bemediteerd. U keert weer terug in de astrale wereld. Geen stoffelijk leven duurt eeuwig. Dat is het enige wat u hebt vastgelegd en zeker wist vóór u naar de Aarde ging: ééns terug te keren in de geestelijke moederschoot.

Zo lief had God de wereld, zo lief had u uzelf, dat u dat bedongen hebt voor u terug­ging naar de Aarde.


Als dan eenmaal dat aardse leven begonnen is, gaat u als mens, als puber, als volwassen mens proberen om in die hele machinerie van leven uw eigen quantum, uw eigen krac­hten te ontwikkelen. Uw passie, uw begeerte... Uw begeerte naar een relatie, soms een wanhopige begeerte. Soms een begeerte die à bout portant wordt ingevuld, afhankelijk van uw financiële basis, een begeerte naar macht, een begeerte naar erkenning, een begeerte naar de top, een begeerte naar ervaringen, een begeerte...

En naarmate u ouder wordt ziet u, dat er ook verdien­sten aan dat leven zitten. Immers, wat u gezaaid hebt zult u oogsten. Geestelijke verdiensten en geestelijke begeer­ten, ze staan altijd naast elkaar. Alsof ze vrienden zijn, alsof ze elkaar een hand hebben gegeven.


Het is, alsof onze monnik zijn geestelijke begeerte ergens anders uit wilde halen, toen terugviel in evolutie, een hele sfeer, maar door zijn kennis heus wel weer zeer snel is opgekrab­beld. En in een volgende incarnatie wist hij hoe hij het wèl moest doen. Geleerd hebbend uit het verle­den.

Fouten maken is soms iets wat veel dieper gaat en veel beter is dan slagen.


Als u een beslissing neemt, neem hem dan vanuit de begeerte om te slagen. Als u de verkeerde beslissing neemt is dat niet erg, als het maar uw beslis­sing is.

En niet omdat uw vriend, uw partner, uw kinde­ren, uw familie het zo graag van u wilde, want dan hebt u niets gedaan, anders dan een verkeerde beslissing ne­men. Maar wanneer u een verkeerde beslissing neemt, vanuit de begeerte om iets te bereiken en iets goed te doen, dan is er niets verkeerd gegaan.

Dan heeft u alleen ge­zien dat de vorm waarin u die begeerte wilde uitwer­ken niet goed was, maar u hebt er iets van geleerd. En u kunt met dezelfde geestelijke begeerte, opnieuw begin­nen.

Maar als u geen begeerte gehad hebt en naar anderen geluisterd hebt en anderen geïmiteerd hebt, dan hebt u niets gedaan, niets. U kunt niet imiteren. U kunt geen Meester imiteren, u kunt geen intelligentie imiteren, u kunt uw partner niet eens imiteren, maar u kunt helemáál uzelf niet imiteren.
U kunt wel de begeerte in uzelf, in het zoeken naar macht proberen te begrijpen. Wilt u stoffelij­ke macht, is dat dan niet synchroon lopend aan uw geestelijke macht.

En stelt u zich voor dat u die stoffelij­ke dan wel geestelij­ke macht zou krijgen, zou u ermee om kunnen gaan, ermee om willen gaan?

Bemediteer dat mijn lieve vrien­den, bemediteer dat...


En als u 'ja' zegt is uw ja uw ja en als u 'nee' zegt is uw nee uw nee. Dan kunt u opnieuw beginnen, dan bent u vrij om een àndere projectie te maken, karmisch gezien. Het 'Plan wat de Meesters kennen en dienen' is een plan van begeerte, geestelijke begeerte, om de Aarde geeste­lijk 'Zijn', bewustzijn en kennis over te dragen. Als die begeerte er niet was en al die Meesters in het Univer­sum, in de astrale wereld bij elkaar zouden komen en ze zuch­tend en steunend zouden zeggen: "Ach, kijk die mensen toch eens oorlog voeren, dat lukt ons tòch nooit meer", dan zou er dienaangaande niets veranderen. Neen, lieve vrienden, de begeerte naar liefde zòrgt voor liefde, de begeerte naar vrede zòrgt voor vrede.


Maar sommige mensen zijn nog niet in staat, sommige mensen - en vertaalt u dat als jonge zielen - zijn nog niet in staat, hun begeerte van de geest synchroon te laten lopen aan de begeerte van de stof. Tot ze er wèl toe in staat zijn, kiezen ze één incarnatie van stoffelijke begeer­te, één incarnatie van geestelijke begeerte en weer één stoffelijke en weer één geestelijke incarnatie. Net zo lang tot ze de onzin ervan ingezien hebben.


En dan zeggen ze: "Laat ik het geestelijke en het stoffelij­ke wat ik begeer - want ik ben mens op Aarde. IK BEN zei Christus - in één leven integreren, begrijpen, accepte­ren, voelen en ermee werken. In één leven.

Misschien - en ik zei dat ik ver durfde te gaan in deze lezing -, komt er een dag dat mensen zullen zeggen: "Als dieren zichzelf kunnen delen door celdeling en mensen nog niet, zijn wij dan als mens zoveel verder?"

De emancipatie heeft terrein gewonnen. De maatschappij der mannen in de arena heeft terrein verloren. De wereld is veranderd, een nieuw tijdsbeeld.


Misschien, misschien is het dat gevoel wat mensen straks gaan krijgen om te zeggen: "Ik wil man en ik wil vrouw zijn. Tot voor kort moest ik daar een mannelijke incarnatie en een vrouwelijke incarnatie voor invullen, maar de begeerte is nu in mij, om het mannelijke en het vrouwelijke in één leven, in één lichaam, in één ziel te stoppen, maar dan ook praktisch uitvoerbaar. Dat kan natuurlijk niet door alleen een operatieve ingreep, dat kan natuurlijk niet zómaar. Dat kan door een proces van 10-, 20-, 100 duizend jaar of meer, afhankelijk van de begeer­te om dit te bereiken in de geest.


God bestaat niet uit twee delen, man en vrouw. God is beide samen en is dus de éénwording in zichzelf. Zoals u de éénwor­ding zoekt via de ander in God. Dat is uw stoffe­lij­ke begeerte, zoals u die soms op Aarde uitwerkt als iegelijk mens.

Maar dat is evenzo - en dat is uiteindelijk de basis - uw geestelijke begeerte, die u soms in de astrale wereld, soms op Aarde en soms weer in de astrale we­reld en soms weer op Aarde uitwerkt tot u uw geestelijk en uw stoffelijk leven hand in hand kunt transformeren naar het Duizendjarig Vrederijk.


*******


Mr. Ishwara sluit de sessie af met een meditatie:


Over bergen en dalen kom ik tot u,

door zeeën en rivie­ren ga ik van u,

Malva Meditatie, wat betekent VREDE.

Vrede is de kracht die de mens ontdekt in zichzelf,

wan­neer hij zoekt naar dat wat zijn karma is.

Wanneer de mens zijn karma ont­dekt heeft,

zal hij begre­pen hebben

vele incar­na­ties nodig te hebben

om dat te doen

wat hij eerder in zijn evolutie gezaaid heeft.


Leven na leven na leven na leven, hebt ge het zaad over uw akkers ver­spreid. Ge hebt het gekoes­terd, bemest, maar uiteindelijk toever­trouwd aan de zwarte aarde.


Daarin was de ontwikkeling van de kiem niet meer zicht­baar, maar ge wist als geen ander, welk zaad ge gezaaid had.

Toch was de verwachting aanwezig in u en ande­ren, om het zaad wat ge zaaide te zien opkomen.

Lang­zaam ontkiemde het, onzichtbaar voor uw ogen, als de wet van karma. Tot ge de rekening, de Boom des Levens met haar vruchten gepresenteerd kreeg.

Vruchten waarvan ge at om uw honger te stillen, vruch­ten om uw lichaam te verkwikken, te voeden, maar óók verboden vruchten, giftig voor u, maar niet voor ande­ren, voor wie de vrucht bestemd was.


Zo hebt ge geleerd, door het voedsel te eten, wat de weg van karma is op het pad wat ge gaat. Wanneer ge als mens de ervaring verwerken wilt, die ge ontvangt uit het Universum, ontvang hem dan gelijk ik in uw linker­hand. Verwerk hem dan gelijk ik, Ishwara van Malva Meditatie, in het lichaam wat ge bewoont. Stort daarin de kracht van uw eigen ziel en voeg het toe, aan dat wat ge ont­ving en straal het door uw rechterhand terug naar de Aarde.


Links is de kracht van de geest. Rechts is de kracht van de Aarde. Maar ge kunt geen energie noch liefde aan de Aarde geven, ge kunt geen vrede en geen welbehagen aan de Aarde schenken, als ge niet eerst hetzelfde wat ge schenken wilt, met uw linkerhand ontvangen hebt.

Ge kunt slechts als middel tot het doel dat wat ge ont­vangt versterken, maar nooit wijzigen. Ge kunt het zaad niet meer veranderen. Ge hebt het gezaaid in eerdere levens.


Wel bent ge in staat de vorm van de stam met stokken te verleggen, de takken een eigen richting te geven. Maar dat is wat ge ziet aan de oppervlakte. Het heeft niets te maken met de wortels in de aarde, waardoor de Boom des Levens ademt. Het heeft niets te maken met de ziel die ge bent, die door haar wortels ademt in het verleden. Bemediteer dat.., bemediteer dat.., bemediteer dat...


Als ge de kracht van Malva Meditatie begrijpt, zult ge niet meer spreken over: MIJN.., mijn huis, mijn partner, mijn kind, maar over ONS huis, ONS kind, ONZE relatie, waarin de kracht van WIJ gematerialiseerd wordt, in liefde, verbondenheid en erkenning.

Wanneer ge uzelf accepteert, kijk dan in de spiegel die aan u wordt voorge­houden.


De spiegel die aan u wordt voorgehouden is de mens die naast u leeft. Wanneer ge de mens naast u niet accep­teert, hebt ge uw eigen spie­gelbeeld niet geaccep­teerd. Bemediteer dat...

Als ge de kracht van de wijding in uzelf wilt voelen, het gevoel om erkenning zal sterker zijn dan ooit, sterker als de roep van de wolven uit het bos, sterker als de roep van het kind om zijn ouders.


Sterker in de groei naar het Licht zult ge de kracht van het water nodig hebben. Het water wat voor u gebruikt wordt bij de doop, het water wat ge gebruikt om te zegenen bij geboorte en dood, het water wat gebruikt wordt om uw voeten te wassen en symbolisch en daad­werkelijk het stof van de Aarde van uw lichaam te verwij­deren.

Het water wat uit de hemel valt als manna, bedoeld om de akkers te bevloeien.


Dan komt de zon in het leven. Het water verdampt, verplaatst zich als een regenwolk. De wind neemt hem mee om elders uit te storten, daar waar de grond droog is, daar waar het karma van de wereld het water van node heeft.

Wanneer ge drinkt uit de rivier van leven, drink dan van het water. Geen mens van de Aarde, geen planeet noch natuurkracht, zal in staat zijn het water te laden.

Slechts zij, die de kracht van het water kennen, de

kra­cht van dat wat Aqua heet. Aqua.. Aquarius, het Aquari­usbe­wustzijn, het bewustzijn van het water. Het water wat met de kracht van het wassende water het verleden wegspoelt: angst, verdriet, pijn, geluk.., maar geluk van gisteren.


Geef mij dat, zo smeek ik u, Ishwara van Malva Medita­tie, wat ge mij wilt geven uit het diepst van uw ziel. Ik zal het inademen, versterken met mijn kracht, vermenig­vuldigen met de kracht van God en alle sferen. Ik geef het u terug. Dat wat ge toedeed aan mij, deed ge toe aan God, dus aan uzelf. Dat wat ge afdeed aan mij deed ge af aan God, dus aan uzelf.


Ontvang als ziel mijn kennis en mijn wijding, opdat de woorden die ge spreekt en de daden die ge doet in trilling zijn met dat wat ik beoog: VREDE.

Malva meditatie, wat betekent vrede.., in de harten der mensen, in de ziel van het Universum, uw God, uw Heer en uw God.

Als ik in staat zou zijn u mijn kracht te geven, al wat ik had, zou ik dit doen, gelijk ik thans aan u overdraag in de naam van God, in de naam van Vader, in de naam van den Zoon, in de naam van den uitstorting van den Heilige Geest en in de naam van den Mensheid.


Vrede zij u.

Wanneer ge de kracht van vrede begrepen hebt, voelt ge zich tevreden op de berghelling, voelt ge zich tevreden in het dal.

Wanneer de kracht die ge zoekt, alleen op de top gevon­den kan worden, hebt ge het dal niet begrepen.

Hoe kunt ge denken God te zijn? Wanneer ge uzelf uitsluitend gelukkig voelt in het dal, hebt ge de bergtop niet begrepen, want de bergen en de dalen zijn eigen aan de planeet waarop ge woont. Over bergen en dalen...


Het is de mantra van ons klooster, het is de mantra die ik samen met mijn vrienden eeuw na eeuw na eeuw beme­diteerd heb. Ik had de stof niet nodig, omdat ik een waterdruppel was, opsteeg, door de wind werd meege­nomen en terug­viel naar de Aarde als de aardkorst erom vroeg.

Ik was het water in de rivier, noodzakelijk voor de vis om te leven. Ik was het water in uw lichaam, maar ook het water wat van de bergtop naar beneden gaat en zo een meer vormt in het dal.
Ik was het water wat als manna uit de hemel viel, maar ook de tranen die uit uw stoffelij­ke ogen kwamen.


Ik was het water wat ge dronk uit de rivier. Ik was het water, maar kende ook de hardheid en het occultisme van de berg, als huidplooi in de aardkorst.

Over bergen en dalen zijn mijn levens gegaan.

Toen ik de top, de uiteindelijke top bereikt had, keek ik terug naar u, mijn kinderen.

En zie ik zag... dat gelijk ik ééns, thans al uw levens over bergen en dalen gaan, door zeeën en rivie­ren.

Als ge weet, doe dan als ik: Bemediteer de bergtop en bemedi­teer het dal. Ze hebben beide hun funktie, of ge wilt als mens of niet, ze be­staan.

Bemedi­teer uw leven en de mens die naast u leeft, nu, gisteren en mor­gen. En evenals ik zult ge ééns zeggen: "En zie ik zag, dat het goed was, zoals mijn leven ging. Het was geen momentopname. Het was geen beek die tot stilstand gekomen was. Het was de kringloop van het water: Aqua, Aquarius, over bergen en dalen.


Water wat be­weegt, transformeert en verandert.

Water wat u ver­heft boven de ziel die ge bent.

Water, zoals het lichaam wat ge bewoont uit water bestaat."


Ik heb u lief, maar niet méér dan dat ge mij liefhebt. Maar altijd onder alle omstandigheden, wie ge ook bent, wáár ge ook bent, op de berghelling, op de weg omhoog of terug naar beneden. Bemediteer dat...

Ik zal met u zijn, alle dagen van uw leven. Maar niet het lichaam wat ge hebt, want het leven wat ge bezit en bestuurt duurt langer dan één leven.

Ik zal met u zijn wanneer ge wilt en aan mij denkt. Ik wil uw spiegel zijn, als de mens naast u, als de tuinman in uw leven, als uw partner, uw vriend of vijand. Ik zal er zijn wanneer ge mij niet verwacht. Ik zal er zijn wanneer ge op me wacht, altijd.


Maar altijd wanneer ik tot u kom,

zal ik mijn eigen medi­tatie omzetten in de mantra:

"Over bergen en dalen, door zeeën en rivieren,

keer ik terug naar mijn cel in mijn kloos­ter.


Doch niet voor­dat...ge begrepen hebt, dat ééns... ik net als u, als een ziel uit God ontsproten ben.

Door alle levens heen heb ik geleerd, gemediteerd, gebe­den en gefaald. Maar daaruit ben ik opnieuw geboren als een ziel die wéét, die wijding na wijding, inwijding na inwijding heeft ondergaan, maar ook de wijding van de stof. Van stof tot stof, van aange­zicht tot aangezicht, maar ook het spiritu­eel bewustzijn, wat het licht van bergtop tot bergtop, van Meester tot Meester gekend heeft."


Ik groet u, vanuit de liefde die ik tot de mensen op Aarde voel.

In vrede, de kracht van Malva Meditatie, ga ik van u.
Doch niet voor­dat... ge de evolutie die ik bereikt heb, samen met mijn medebroeders, begrepen hebt en in Uw geestelijke begeerte hebt omgezet tot een groepsziel die de collectieve wens in zich draagt om op te gaan in het licht.



© Copyright  www.lichtsferen.com