Bloem van de Witte Broederschap - Lichtsferen.com

In deze lezing van Zr. Wira neemt zij u mee naar het kloppend hart van de Witte Broederschap. Alle zielen die vanuit de Witte Broederschap werken, verspreiden en bundelen licht en werken allen aan het Plan wat de Meesters kennen en dienen.

Zr. Wira neemt u mee naar het diepst van haar eigen wezen. En zij maakt vandaar uit koppelingen naar elke ziel op Aarde.
Tevens vertelt zij over haar taak die zij heeft als leidster van de Witte Broederschap en weeft zij een web van draden naar alle zielen in de astrale wereld.




De Bloem van de

Witte Broederschap

~~~~

Vanuit een wolk van vrede kom ik tot u.

Wira is de naam die mijn schepper mij gaf.


In de kracht van liefde en licht, door mensen op Aarde "de Witte Broeder­schap", genoemd wordt een plan uitgewerkt, dat dienst­baar is aan de Aarde en gans de astrale wereld. Dienstbaar zijn betekent: energie en liefde schenken aan dat waar men van houdt, zonder het gevoel verplichtingen te moeten aangaan. De Witte Broeder­schap werkt vanuit Gods geesteswereld naar hen die leven en werken op Aarde.

Gij mens van de Aarde, ge hebt uw Rad van Wedergeboorten gekend en hebt vele levens in­gevuld. Langzaam maar zeker is in u een transformatie ontstaan naar het licht. De honger die ge hebt naar geestelijk bewust­zijn, maar ook de honger naar de Aarde, is vergelijkbaar met ons, Wira van de Witte Broeder­schap: een honger om te komen tot een Rijk van Vrede.

Dat Rijk hoeft niet alleen in onze wereld noch op uw Aarde te bestaan, maar zal een univer­seel en overkoepelend orgaan moeten zijn.

Gij kent op Aarde uw Verenigde Naties, waarin naties verenigd zijn in vrede en liefde. Waarin zij hun krachten bundelen om te komen tot een wereld van eensgezindheid. Zo kent onze wereld de Witte Broeder­schap, waarin vele sferen en vele groepen van zielen bij elkaar één krachtveld vormen. Wij noemen dit: een wolk van vrede en liefde. Die wolk wordt gezonden naar gebieden op uw wereld waar kracht, acceptatie en stabiliteit noodzakelijk is.

Als mens leeft ge op de Aarde. Ge beweegt u voort, werkt in het zweet des aanschijn's, en hoopt op een beter leven, later. Maar wanneer ge zult beseffen dat elke ziel in het moment waarin zij leeft, niets uit kan stellen tot later, zult ge één zijn met de Witte Broeder­schap, zult ge deel uitmaken van ons collectief.

Elke taak die ge hebt op Aarde, ook de uwe, is een taak.

Denk nooit dat de plaats waar ge woont, of de ruimte die ge inneemt op Aarde, onbelangrijk is. Ge hebt hem volgens eigen wilsbeschikking bepaald. Ge hebt hem voorbereid vanuit onze wereld alvorens ge naar de Aarde ging.

Maar ge hebt er eveneens levens na levens aan gewerkt om te komen tot dit punt. Denk nooit dat ge de verkeerde plaats inneemt maar ken wel uw eerlijke spirituele verantwoordelijkheid.


Gij deelt op Aarde uw ervaringen met anderen, met anderen die dezelfde zieletrilling ervaren dan u bezit. Wat ge uitstraalt trekt ge aan. Zo komt ge tot een eenwording, een collectieve eenwording, van licht, bewust­zijn en aardse zekerheden, waarin ge uzelf thuis voelt. Maar ook wanneer ge duisternis zoekt zult ge daarin tot bundeling komen.

Ge kunt tot bekering komen of u wenden tot het licht. Voor u op Aarde is dat dikwijls: uw huis in de sferen. Voor ons, Wira van de Witte Broeder­schap, is dat de Wolk van Licht, waarin vele, vele zielen vergaderd zijn. Sommigen hebben de Aarde losgelaten, om vanuit de Witte Broeder­schap, in liefde verbonden met die Aarde, naar de Aarde toe te werken; anderen gebruiken de Witte Broeder­schap als een tussenstation tussen levens in, waarin ze ervaringen uit het verleden delen met elkaar en waarin ze een programma maken voor de toe­komst.

Alles wat na u komt, is door uzelf ingevuld. Waar ge ook bent, welk doel ge ook hebt of welke wens in u naar boven komt. Een van ons zou hier zeggen: Bemediteer dat !


Het gevoel dat ge hebt inclusief de ziel die ge bent, is belangrijker in het leven dat ge leeft, dan om het even wat dan ook. Geen enkele invloed van de Aarde mag in staat zijn, daar verandering in aan te brengen. Helaas gebeurt dat echter wel bij velen.

Uw ziel ervaart geen pijn, want zij kent de lichtkracht van het universum. Uit licht kan men kracht en energie halen. Of dat nu stoffelijk licht of geestelijk licht is: het is het licht dat schijnt over uw daden, op uw vermogens en onvermogens.

Het is het licht dat ge kunt aantrekken maar ook kunt afstoten. Maar weet, dat het stoffelijk licht de dag en de nacht kent, het vallen van de avond, de schaduwen, en de duisternis. Vrees niet voor die duisternis: zij is van de Aarde.

Weet op grond van de ervaring die u hebt, dat na elke nacht een nieuwe dag aanbreekt. In onze wereld zijn geen schaduwen, nog duisternis. In onze wereld is een kracht die sterker is dan de Aarde ooit zal kennen. Omdat onze kracht geen vorm kent noch massa bezit. Ze is gebaseerd op kennis uit het verleden. Ze is gebundeld door liefde met elkaar en dat leven na leven in absolute overgave.


Ze is voortgekomen uit de loutering die u op Aarde evolutie noemt, soms vertrapt in het slijk van de Aarde (maar dat was stoffelijk), soms hoog verheven in een diep geluk, waarin mensen met elkaar begrijpend en voelend door het leven gaan, in elkaars aura treden, elkaars denken begrijpen. Ge noemt dat telepathie.(en dat is geestelijk) Telepathie heeft als grondpatroon: krachten van liefde op te roepen, krachten van liefde te bundelen en te delen.

Gebruik telepathie nooit en te nimmer in negativiteit of angst.­ Dan maakt ge van u zelf een absolute Afgod! Gebruik telepathie voor positieve voorspellingen, waarin uw wereld in vrede duizend maal duizend jaar zal leven. Gebruik de kracht van onze Witte Broeder­schap, die zich ook in u uitwerkt altijd positief.


Vanuit onze wereld, vanuit mijn wolk van licht, straalt het Plan dat de Meesters kennen en dienen naar de Aarde. Wij scheiden ons niet af van kleurlingen, geslacht of leeftijd. Wij scheiden ons niet af van seksuele voorkeuren. Maar wij scheiden ons echter altijd af van dat wat op oneigenlijke wijze omgaat met kennis van de geest.

Wij deponeren dat wat we zijn, in uw brein, in uw sensitiviteit, in uw geestelijke gaven. Maar ook in uw stoffelijke talenten. Wij deponeren in u de honger naar vrede. Zo zal vrede de basis zijn voor liefde. Maar u bepaalt zelf of u een open kanaal wilt zijn naar de Meesters, zoals dit medium, of dat u kiest voor oorlog zonder kans op Vrede.


Wij deponeren in u, bij jonge en oude mensen, de kracht om elkaar lief te hebben, elkaar te begrijpen. Maar ge kunt elkaar niet begrijpen wanneer ge niet telepathisch met de ander wilt en durft te communiceren.

De communicatie vanuit de geest en de communicatie vanuit het brein is een geeste­lijke, een spirituele communicatie, zoals die in ons, Wira van de Witte Broeder­schap, altijd, nooit-aflatend, werkt. Wij sturen kracht naar plaatsen op uw wereld waar die kracht een functie heeft in de harten en in de zielen van mensen. Soms individueel. Soms collectief. Geen kruis is zwaarder dan ge dragen kunt.

Wanneer ge terugkijkt in de evolutie naar de mens Christus Jezus: hij droeg zijn kruis, de zwaartelast van al wat na hem kwam. Maar door het dragen van dat kruis heeft hij u liefde geleerd en acceptatie overgedragen. Daarin heeft hij dat wat ge misschien ooit verkeerd zult doen, reeds ver tevoren weggewassen, onder de dekmantel der liefde. Maar gebruik dat niet om uw eigen onvermogen weg te wassen. Wanneer ge uw eigen kruis draagt, zult ge ontdekken dat uw kruis niet zwaarder is dan de krachten die ge hebt. Wanneer ge bang bent - en angst is negatief - bang bent dat ge het kruis niet torsen kunt, zult ge, vóór ge het kruis op uw schouders laat rusten, bezweken zijn onder de last van uw angst. Het is niet het kruis, het is niet uw karma, dat u doet bezwijken: het is de angst ervoor.


Wij nemen die angst weg, wanneer ge u openstelt. De angst voor het leven, en de angst voor de dood. De angst voor het slagen, en de gevolgen en verant­woordelijk­heid daarvan, maar ook de angst voor het falen wanneer ge niet kunt komen tot de invulling van uw karma. Stel u open voor ons.

Richt uw denken naar de kracht van de Witte Broeder­schap. En u zult ervaren dat wij werken als een sterwerk. Zonder voorbehoud, zonder vragen vooraf. Want daar waar gevraagd wordt, gaat een deur open. Achter die geopende deur is een ruimte vol licht en liefde. Ge kunt er dikwijls niet in, omdat ge een mens van de Aarde bent. Het is de wereld van de geest, waarin God met al zijn engelen, met al zijn zielen, de vrede bewaart en de liefde nastreeft. Maar ge kunt er wel in kijken, ge kunt eruit putten, ge kunt erom bidden, en ge kunt via de kracht van de meditatie uw gevoel daarin ver­plaatsen.

Soms zult ge dat als mens doen, soms zult ge als ziel uw lichaam verlaten, als de duisternis en de jaloersheid der mensen het kruis op uw schouders laat drukken. Dan zal uw ziel zich vrij maken en haar vleugels uitslaan. En uw astrale voertuig zal u brengen naar uw huis, UW huis in de sferen, waarin niemand komen kan en waarin ge leeft in vrede. Waarin ge werkt in de kracht van de Witte Broeder­schap.


Maar ge hebt afgeleerd, mens die ge bent op Aarde, de herinnering van de nacht mee te nemen naar het dag-bewust­zijn. Misschien, misschien zou het niet goed zijn wanneer ge wist hoe licht de last werkelijk was. Toch, toch kiest ge zelf het kruis, de massa en de zwaarte. Het is een loutering voor dat wat ge ooit in één of meerdere levens verkeerd gedaan hebt.

Ge bent het zelf, die u plaatst waar u thans bent.

Ge bent het zelf, die de verbinding kan en mag aangaan met ons, Wira van de Witte Broeder­schap als een verdienste uit eerdere levens.

Ge bent het zelf, die kiest voor de duisternis van de Aarde.


Richt u op. Laat het juk uw lichaam niet verkrampen. Ken de weg van uw leven. Het is uw levensweg, uw karma en uw dharma. De mens van wie ge houdt, bewandelt dezelfde weg, maar kan nooit en te nimmer zijn, dat wat u bent. Het zou betekenen dat ge uw persoonlijkheid verliest, uw geslacht loslaat, en opgaat in de ander, tot ge de ander geworden zijt. Ge kunt wel samengaan, hand in hand in hand in hand, in liefde.


De weg die ge bewandelt is de weg naar het licht. Ge weet dat aan het eind van die weg een poort is. Een poort die nooit en te nimmer vergrendeld is. Uw wilskracht kan hem openen, maar ge zult de Aarde moeten loslaten. Inclusief alle waanideeën die u daar hebt gehad. De poort is de poort naar de astrale wereld. Daar klinkt muziek, daar hangt de geur van zacht-zoete wierook. Daar communiceert men telepathisch, zonder woorden en zonder afgunst.


Maar waarom, mijn lieve vrienden, zusters en broeders van de Aarde, waarom wacht ge op de kracht die zich bevindt achter de deur? De ziel die ge bent, is daar geboren; de herinnering is in u aanwezig! Na afloop van vele, vele incarnaties, hoe die ook mogen zijn ingevuld, bent ge steeds weer door die poort gegaan. Dus uw Ziel kent de weg. Ge hebt de ervaring in uzelf. Haal hem omhoog in het nú en ge zult de kracht van Gods geesteswereld op Aarde kunnen materialiseren. De taak die ge hebt, of die nu stoffelijk, grofstoffelijk of geestelijk is, is de invulling van dat wat ge als mens wilt doen, maar zal weinig of geen invloed op het goddelijk bewust­zijn van uw ziel hebben. Het remt nooit.

Alleen de uiteindelijke ervaring wordt door u omgezet in vrede, kennis en een nieuw incarnatie om de laatste schoon te wassen. Liefde, echte liefde, is als een bloem die zich opent naar het licht, zijn geur afstaat, zijn kleurenpracht ten toon spreidt. Maar een bloem heeft een korte levensduur. Ge zult naast de echte liefde de kennis moeten hebben, de kennis en de wil tot slagen. Liefde en kennis is samen als een bloem, die met haar wortels in de aarde staat en de kennis heeft hoe te ademen en op welke wijze voedsel uit de grond te halen. Ge spreekt dan over meer­jarige bloemen, die kou, warmte en seizoenen kunnen doorstaan.


Gij bent die bloem. Wanneer ge wortels hebt in het aardse, bent ge mens. Leef als een mens, gedraag u als een mens, en haal daaruit uw menselijke kracht. Maar open de ziel die ge bent, naar het licht. Dan bent ge een bloem. Dan bent ge een mens, die de seizoenen in uw leven kan doorstaan.

En als een BLOEM van de WITTE BROEDERSCHAP vriendschappen in het licht opneemt en weer uitstraalt. Ge bent dan niet meer ontvankelijk voor de koude van de ander, ge bent niet meer ont­vankelijk voor de vreemde warmte zonder Broederschap die veràssend werkt. Ge bent niet meer afhankelijk van het voedsel dat de ander u verstrekt.

Uw geestelijk, maar zelfs (zo ge wilt) uw stoffelijk voedsel kunt ge halen uit uw wortels. Het is de vrede uit uw ziel die zorg draagt voor stabiliteit. Zodat u tijdens uw verblijf op Aarde of later in de geesteswereld op weg bent naar een absolute zielsversmelting.

Sterker dan ge zelf bevroeden kunt, maakt ge onderdeel uit van de Witte Broeder­schap, waarin het licht een gewijd licht is, waarin de drank der goden een balseming voor de ziel is. Waarin de gedachte aan liefde een vermenigvuldiging van die liefde is, maar tegelijkertijd een terugkeer in de buikholte van God.


Wanneer ge niet bang bent voor het licht, maar ook niet bang voor de verandering in uzelf, kunt ge terugkeren in de bron van ál het leven, of tenminste ademen in het licht van God. De geestelijke voertuigen die ge hebt, maar ook het stoffelijk lichaam waarin ge woont, zullen zijn als een blad aan de boom des levens.

Er zijn momenten in uw evolutie dat ge kiest voor een denkpatroon en er geen afstand van wilt doen. Er zijn momenten dat ge kiest voor een ander denkpatroon, maar moeite hebt het eerdere los te laten. Toch zal de tijd waarin ge leeft, de kracht van het Aquarius-bewust­zijn, impliceren dat de eerste ervaring waaraan ge ooit vasthield, wordt weggewassen met de kracht van het Aquarius-water.

Ge komt in een nieuwe ruimte, met een grotere ervaring. De bloem is gegroeid, heeft de ervaring van koude en warmte en wind door­staan. Hij kan zich handhaven. Hij heeft geleerd, hij is gelouterd. En wanneer het stuifmeel van die bloem zich vermengt met dat van andere bloemen, dan zal het zelfde gebeuren dan wanneer onze vriend (het medium. red.) een trance-lezing uitspreekt en zijn woorden als stuifmeel over de Aarde gaan!!


Ook u bent zo’n bloem. Een bloem van de Witte Broederschap! Want vergeet niet, wanneer ge in liefde zoekt naar een ander om uw lichaam in warmte te delen en om uw liefde in vrede te vermengen; dat ook uw geestelijke ervaringen en die van de ander in elkaar over­lopen. Dat wat ge aantrekt, de nieuwe geboorte, zal een optelsom zijn van uw bewuste ZIJN.

Dat wat na u komt zal een sterker ras zijn. De bloem die na u bloeit, zal langer leven, zal sterker zijn, meer kleuren in zich kennen, een grotere variatie aan geuren verspreiden.

Het kind, maar ook de mens die die bloem ziet, gaat erheen, en zegt: die geur ruikt naar de hemel.


Men spreekt de waarheid, maar men weet niet wat men zegt.

De geur van lathyrus, waarin alle kleuren van het kleurenspectrum vertegenwoordigd zijn, kent bij benadering de geur van de Witte Broeder­schap.

De geur van een roos, waar­in maar één kleur, die van de aarde, vertegenwoordigd is, heeft niets van de Witte Broeder­schap, maar kent de geur van de mens die in het zweet des aanschijns op zoek is naar liefde, op zoek is naar licht, maar die liefde en dat licht nog niet gevonden heeft.

De geur van jasmijn is als de geur van een individu; Eén ziel, die zich afzondert in de meditatie, maar vanuit die afzondering een buitenzintuiglijke verbinding aangaat met de Witte Broeder­schap en zo zal komen tot een gezamenlijke meditatie in het absolute geestelijke licht!


Wanneer ge een hand uitsteekt naar de ander, steekt ge een hand uit naar mij Wira van de Witte Broederschap. Er ontstaat een vermenging van gevoel en wat dies meer zij. Geen bloem, geen bloem op uw Aarde, weigert zijn stuifmeel te vermengen met die van andere. Het is de wind die het doet. Het is de ‘bij’ die vliegt van bloem tot bloem, die het doet. Het gaat buiten het bewust­zijn van de bloem om. Zo is het goed.

Want wanneer ge als mens zegt "ik wil mij niet vermengen met de ander, niet in liefde, niet in vrede", dan dooft ge het licht, en sluit ge de deur voor God. Want het is God in al zijn liefde en wijsheid die u vermengt met de ander. Ge bent het niet zelf, als een bloem; maar het is een hand die sterker is dan dat wat ge ooit als mens zult kennen.

Die hand vermengt u met de ander, brengt u naar de ander, of zet u op een andere weg zonder die ander.

Ween dan niet de tranen van de Aarde omdat in uw stoffelijk denken een andere bestemming lag. Het is uw ziel die zich geopend heeft, het is God's hand die u geleid heeft.


Maar gelooft ge echter als mens te kunnen eisen; gelooft ge als mens uw leven te kunnen be­sturen?  Dan zult ge dat ook doen. Of leeft ge als mens in de veronderstelling dat alles maar mag en kan en uw fantasie geen werkelijkheid meer kent, dan kunt ge uw leven naar uw hand zetten. Maar zonder de hand van God.

Wanneer ge dan struikelt, bent ge zelf aansprakelijk. Wanneer ge dan schreit als een kind in de wanhoop van het aardse leven, dan bent ge zelf aansprakelijk.

Maar wanneer ge smekend om liefde schreeuw­t, om vrede bidt, om vermenging van ervaringen smeekt, dan bent ge als Wij, Wira van de Witte Broeder­schap. De erva­ring die ge dan hebt opgedaan, kunt ge niet meer alleen in uzelf verwerken. Hij is te groot, het is te veel. Het is als het zaad wat door de wind is meegenomen en vermenigvuldigd.


Moge uw ziel zijn als het zaad van een bloem.


Uit de zwarte aarde bent ge voortgekomen. In de engheid van de steel en de knop hebt ge gewacht op het moment van de opening, de opening naar de poort die leidt tot de hemel. De knop verloor zijn kracht en zijn waarde, maar ook zijn engheid, en opende zich, waardoor de bloem kon ademen, vrij kon ademen, in het licht; (uw ziel is als die bloem) uw stuifmeel zich pas dan en niet eerder vermengen kon; (u bent een bloem) uw pracht en geur en kleur dienstbaar kon zijn aan de ander.


Ik geef de kracht die te veel en te groot in ons aanwezig is, aan uw lichaam. Erken uw lichaam in liefde als de grootste kracht die de aarde kent.

Ik geef u mijn kracht en mijn liefde. Telkens wanneer u aan mij denkt! Ik wil het water wijden dat ge drinken zult. Drink. Mijn ziel is vloeibaar, kent geen vorm noch massa. Ik deponeer de kracht van mijn ziel in het water dat ge drinken zult. Drink; drink, mijn kinderen, drink, en ge zult weten wie ik ben. Door mij te drinken zult ge zijn als ik.

Drink, drink. Ik wil de kracht die over is, geven aan de mineralen die ge als mens nodig hebt als middel tot het doel. Ter verfraaiing van uw leven. Het is de schoonheid om u heen.


Een bloem, één bloem in de woestijn, is eenzaam. Maar een bloem temidden van een bloemenpracht zal de wens in zich kennen - en u bent zo'n bloem - boven andere uit te stijgen. Om eerder dan de ander naar het licht te zweven. Adem, mijn kinderen, adem in de kracht van dat licht. Weet dat ge het kunt. Ge hebt de deurknop in uw hand. Open die deur.

Er is geen angst achter die deur, er is geen negativiteit in welke vorm ook. Alles wat gebeurt in uw leven is karma, of ge dat prettig vindt of niet. Ge hebt het zelf veroorzaakt. Ge hebt het zaad gezaaid.

Ge bent geworden tot een bol, een kosmische bol, een energiebol, waaruit de bloem uiteindelijk ontsproten is. Maar is dat niet wat God is? Een energiebol van licht, liefde en wijsheid, waaruit gij als bloem ontsproten bent.


Meerdere levens zijn gevolgd. Ge hebt de ervaring van de winter en de zomer, het voorjaar en het najaar gekend en ge vertelt het aan uw kinderen. Uw nageslacht wordt sterker, dankzij uw wijsheid en kennis.

Wanneer een poort wijd opengaat, dan hoort ge een stem, dan hoort ge muziek, dan ruikt ge de geur van Lathyrus. Ook als mens bent ge in staat dat te doen.

Maar ge bent bang, bang om de verandering aan te gaan. Ge wilt bezitten, ge wilt vasthouden.

Maar God bezit u niet en u kunt God niet bezitten. In die kracht van vrede en liefde zult ge leven en leven en leven, steeds weer opnieuw.

Tot ge alle bloemen gekend hebt, alle bomen geweest bent, alle varens in uw trilling hebt opgenomen. Dan zult ge weten wat de natuur is. Dan zult ge weten dat vanuit die natuurlijke, goddelijke kracht vrede en liefde stroomt naar de Aarde, vanuit een Plan dat de Meesters kennen en dienen.


Wanneer ge als mens uw weddenschap uitspreekt in een wedstrijd, kunt ge uw  stoffelijk vermogen, inzetten op één punt; maar ge kunt het ook verspreiden.

Door het ver­spreiden wordt de kans groter dat ge winnen zult. Wanneer ge uw geestelijk vermogen inzet om te komen tot een bron van licht en liefde in uzelf, zoals wij, Wira van de Witte Broeder­schap, zult u altijd slagen. Wij zetten ons vermogen niet in op één mens die u een heilige noemt, maar wij verdelen onze kracht onder alle mensen.

De kans dat de liefde die wij u geven haar doel bereikt, is zo vele malen groter. Toch, toch leeft ge in een wereld van licht, schaduwen en duisternis.


Wanneer ge wandelt in dat licht, dat geestelijk licht, geeft ge uw kracht aan ons. Wanneer ge wandelt, en bang bent als de avond valt, voor de schaduwen, de schimmen, bent ge bang voor lagere krachten. Door de angst zult u in trilling treden met en opgaan in het kwaad. Herinner u het licht. Het zal toereikend zijn om de schimmenwereld te verdrijven.

Ge hebt mij aangetrokken als groep en als medium, door uw spirituele contacten. Ik heb uw macht gezien, uw stoffelijke macht. Maar ik wist dat ge die stoffelijke macht nodig had om uw menselijk leven inhoud te geven.

Ik heb uw stoffelijke onvermogens waargenomen, waarin ge faalde, struikelde, angstig was en twijfelde. Ik wist dat dát behoorde bij uw invulling van de Aarde.

Ik heb ook uw geestelijke kracht en uitstraling gezien, en wist dat ge ondanks alles uit­einde­lijk toch zou slagen.


Want in het verre verleden, lichtjaren geleden, heb ik uw levens gekend, heb ik uw trilling gevoeld en uw wanhoop ervaren. En toen reeds wist ik dat het geestelijk licht de wanhoop zou verlichten. En ik WIST dat de kracht van de evolutie niet alleen bepalend was voor de Witte Broeder­schap, niet alleen was voor­bestemd voor Gods geestenrijk, voor de engelen en voor de goden. Ook de mensen op Aarde zouden mogen wandelen in het licht.

Hoewel men het als mens vergeet, neemt men die kracht, als ziel, mee naar de Aarde. Waarom dan niet te putten uit die kracht, waarom dan niet te putten uit die vrede? Wanneer ge in liefde bundelt, zult ge liefde scheppen. Wanneer ge in vrede samen bent, zal er vrede heersen.

Wat ge uitstraalt, trekt ge aan.


Moge de vrede van God en de liefde van Christus en de wijsheid van Meester Boeddha als licht uw pad beschijnen.

Moge de wanhoop die ge hebt als mens, ertoe leiden dat ge hoopt op een betere tijd, maar beseft dat die betere tijd, dat licht, niet buiten u gezocht moet worden, niet aan anderen moet worden overgelaten, maar door uzelf gezaaid en geoogst moet worden.


Ge zult de ervaring van zeven magere jaren moeten kennen om het geluk van zeven vette jaren te kunnen ervaren. Ge zult de ervaring van de stoffelijke pijn moeten opdoen teneinde het geestelijk geluk te bereiken.

Ge zult de duisternis moeten kennen om in het licht te kunnen verkondigen dat vanuit dat licht: vrede en liefde de duisternis zal verlichten. Hoe kunt ge spreken over "licht brengen in de duisternis" als ge de duisternis niet kent? Ge weet niet waarover ge spreekt.


Zo zal u vergeven worden wat ge doet, wanneer ge niet weet waarover ge spreekt. Maar wanneer ge weet dat vanuit de duisternis het licht geboren is, dat vanuit het licht de duisternis wordt opgelost, dan heeft de evolutie een nieuwe periode bereikt. Uw licht is belangrijk, voor uzelf, maar uw licht is evenzo belangrijk voor de ander.


Dit zeg ik u in liefde, eeuwig met u verbonden. Maar ge weet het niet. Soms voelt ge mij, soms stoot ge mij af.

Wanneer ge mij afstoot, verwijder ik mij uit uw aura, maar blijf op afstand liefde en vrede naar u toe sturen, tot ge uzelf weer opent, tot ge beseft een bloem te zijn, met een behoefte aan licht, met een hunkering naar water.

Daarom bent ge geboren in het Watertijdperk. Zodat uw wortels altijd water zullen drinken, waardoor de kleur en de geur van de bloem die ge bent, sterker en krachtiger naar buiten kan treden.


Mijn lieve vrienden op Aarde, ik heb u lief. Ik vraag u niets, zelfs niet mij lief te hebben. Ik zal er zijn. Ik zal werken vanuit een bron van licht. Vanuit die bron van licht zal ik liefde en vrede in uw ziel deponeren.

Ik zal wijsheid en acceptatie in uw hart aanbrengen. Ik zal de honger naar vrede in uw hersenen integreren. Dat is mijn taak, die ik ontving van HEM die ik liefheb. aan Wie ik dienstbaar ben, tot in het uiterste van mijn bewust­zijn. HIJ die mij mijn naam Wira gaf. Dat is mijn taak.

Ik vervul mijn taak in liefde, in vrede, en in geestelijke blijheid. Zelfs wanneer ik mijn werk doe in duisternis of in de schaduwen van uw wereld. Want ik weet, onkwetsbaar te zijn, omdat ik licht uitstraal, omdat ik een engel ben van licht en vrede, omdat ik een bron ben van liefde en wijsheid.


Ik heb de hele cyclus van de Aarde doorleefd, waardoor ik uw geweeklaag maar ook uw vreugden ken. Ik heb de sferen doorlopen. Ik heb God gekend, maar keerde terug naar de Aarde.

Hij sprak: "Ik geef je al wat ik heb: mijn zegen en mijn kennis, mijn liefde en mijn kracht. Keer daarmee in mijn naam terug, en vorm de Witte Broeder­schap. Van daaruit zal eeuwig licht stromen naar de Aarde.

Een Plan, dat gij, Wira, mijn dochter, met anderen zult uitwerken en dienstbaar zal maken in erkenning en overgave aan dat wat de Aarde is. "Ge zult de pijn van de Aarde niet meer voelen, maar zult er wel in werken.

Ge zult het geweeklaag van de mensheid niet meer horen, maar ge zult het wel kennen, zodat ge de ander kunt helpen.

Ga in Mijn naam naar de Sferen en naar de Aarde en vermenigvuldig daar dát wat ge geworden bent!”. WEES MIJN BLOEM! Dát wil ik invullen in liefde en in vrede, voor u allen die naar mijn wijding luistert en naar u allen die dit ooit zult lezen. Ik heb u lief.


De Witte Broederschap, De Meesters van het Witte licht en/of de Meesters van Malva. Het zijn woorden totdat de woorden ineen stromen tot een grootste gemene deler van licht.


Ik heb u aanschouwd wanneer ge twijfelde aan uzelf. Ik heb u aanschouwd wanneer ge uzelf op een voetstuk plaatste. Ik heb u aanschouwd wanneer ge eraf viel.

En zie, ik zag: ge was een mens, wanhopig zoekend naar vrede, wanhopig zoekend naar bundeling en liefde. Maar wanneer ge zoekt, zult ge vinden.

Door te twijfelen aan uzelf hebt ge de twijfel overwonnen. Zo hebt ge uzelf op een voetstuk geplaatst. Op het voetstuk ontdekte ge dat ge de jakobsladder had overgeslagen, alle sporten van het leven. Ge viel van uw voetstuk, en ge bent moeizaam, maar steeds rijker aan ervaringen, sport na sport geklommen naar dat wat ge thans bent.


Ik heb u lief. Sluit uw ogen. Ik omarm u met mijn vleugels. Ik omarm u, opdat ge mijn warmte zult voelen, opdat ge mijn vrede zult kennen. Voel de zachte, tere streling van mijn vleugels, voel de warmte van mijn lichaam.


Weet wat ge wilt. Wanneer ge weet wat ge wilt, zeg dan tot uzelf IK WIL, en ge zult zijn als de mens die geboren werd om vrede op Aarde te brengen. IK WIL vrede brengen in de harten der mensen. IK WIL vrede integreren op Aarde. IK WIL een wereld, waarin mensen met elkaar hand in hand een weg zullen bewandelen, waarin ze hun vleugels slaan om de ander, waarin ze hun armen in een omarming slaan om de ander, waarin ze de zwaartelast van de ander kunnen dragen of wegnemen. Omdat ze hun eigen zwaartelast hebben begrepen en daardoor hebben afgelegd.

Ge hoeft hem niet meer te dragen. Werp het juk van de Aarde van uw schouders. En ge zult zijn als een engel van de Witte Broeder­schap. IK geloof in vrede. IK WIL geloven in liefde. IK WIL.


Het is niet eisend, mijn kinderen. Het is de kracht van het kosmisch vuur, het is de kracht van de Omni-creativiteit. Het is de liefde die, alom vertegenwoordigd, woont waar u woont. Het gaat met u mee. Het bevindt zich in u. Het is niet plaats­gebonden, noch gebonden aan de leeftijd die ge hebt, noch gebonden aan het ras waartoe ge behoort. Ge bent het zelf, wanneer ge weet wie ge bent.


Vanuit mijn wolk van licht, sprak ik tot u op Aarde. Ik treed terug, om mijn taak te vervullen. Want zo staat het beschreven door Hem die mij de naam Wira gaf. .

 

***


Het tweede gedeelte van deze lezing is

uitgesproken door Meester Miparerba.


Door middel van de meditatie krijgt een mon­nik inzicht in zichzelf en in anderen. Door middel van een telepathische verbinding met de Bloem van de Witte Broederschap krijgt een monnik inzicht om al die kennis te hanteren.

Maar geldt dát wat voor een monnik bestemd is ook niet voor u en de uwen? Telkens wanneer ge een verbinding met de Bloem van de Witte Broederschap maakt zult ge dit doen met respect en met liefde. Wanneer ge in de kracht van de meditatie uzelf hebt leren kennen kunt ge water voor de bloemen zijn en prana voor de mensheid.


Ieder mens heeft zijn of haar eigen taak. Die taak oefent ge uit te midden van uw geliefden en te midden van de bruisende wereld. Dikwijls vindt ge steun bij uw geliefden. Maar even zo vaak bezorgt dat wat ge liefhebt u angst.

Dikwijls treedt ge gepantserd het maatschappelijk leven tegemoet. Maar even zo vaak vindt ge in de bruisende wereld juist een nieuwe uitdaging of een nieuw geluk.

Dán is het niet meer belangrijk wat anderen van u denken. Dán is het belangrijk dat ge weet wie u zelf bent, wat uw krachten zijn en op wie u bouwen kunt.

Vanaf het moment waarop u uit God geboren bent tot ná het moment waarop u in God bent teruggekeerd zult u zélf verantwoordelijk zijn voor al uw daden. Zelfs voor u gedachten. Aan niemand zult ge rekening en verantwoordelijkheid afleggen, anders dan aan het goddelijke in uzelf.

Als onderdeel van de grote oerbron zult ge niets doen voor de ander. Want al wat ge doet, doet ge voor uzelf. Dit is niet egocentrisch. Ge kunt immers niemand maar dan ook niets of niemand de schuld geven van uw falen.


Ooit sprak uw Schepper tot u: “Ga heen en keer terug in mij met wijsheid”. Zo zal ál wat ge tegenkomt op uw levenspad daartoe moeten leiden. Besef dat tranen dienstig kunnen zijn om uw hart te ontlasten. Maar besef ook dat teveel tranen uw ogen versluieren en u de blik op de toekomst ontnemen. Teveel water zal de Bloem van de Witte Broederschap doen verdrinken.

De meditatie op de Bloem van de Witte Broederschap is een meditatie op haar hart maar ook op elk van haar duizenden bloemblaadjes.

Wanneer ge hierop mediteert zult ge ontdekken dat ge in werkelijkheid mediteert op het kloppend hart van de schepping en op alle zielen tezamen.


Wees devoot in uw denken opdat devotie de basis van al uw handelingen zal zijn. Denk aan de jonge monnik. Hij speelt en lacht. Hij geniet van het leven. Om dan wanneer de dag teneinde is tezamen met anderen naar de meditatiezaal te gaan om daar vol devotie te mediteren.

De jonge monnik mediteert op de bloemen in de natuur. Hij doet dit speels maar ook vol liefde. Wat hij niet weet is dat zijn Heer en Meester glimlacht omdat hij weet dat de jonge monnik een aantal jaren later in al die prachtig gekleurde bloemen, de Bloem van de Witte Broederschap zal herkennen.

Voor alles staat een tijd. Er is een tijd om te spelen. Er is een tijd om te werken. En er is een tijd om te mediteren.

Daarnaast zal het Aardse lichaam rust nodig hebben en dus zal er ook een tijd moeten zijn om te slapen. Verdeel uw tijd zo goed ge kunt. En weet dat wanneer ge ergens te lang over doet u die tijd ergens anders te kort komt.


Wanneer ge uzelf kent zult ge nooit tijd te kort komen. Wanneer ge de factor tijd kunt beheersen zal ouderdom ophouden te bestaan en zal er een begin worden gemaakt met eeuwig leven! Er zijn mensen op Aarde die maar kort leven en daarna vergeten worden.

Zij hebben slechts in de duisternis geleefd.

Er zijn mensen op Aarde die maar kort leven en daarna áltijd in de herinnering van anderen blijven voortleven. Zij hebben een begin gemaakt met de factor tijd te overwinnen. Hun liefde is niet meer gebonden aan één lichaam of aan een bepaald uur. Zij zijn tijdloos geworden.


De bloem van de Witte Broederschap is ook tijdloos. Zij ademt in elke ziel. Haar uitademing is gevuld met pure prana. Zo geeft zij het eeuwige leven aan een ieder die met haar verbonden is. Maar om het eeuwige leven te begrijpen zult ge eerst de Bloem van de Witte Broederschap moeten begrijpen.

Dit zeg ik u, Miparerba.

 

Wij kennen in ons klooster een “gedenk-dag”. Elk jaar wanneer het volle maan is in het dierenriemteken de stier vieren wij het “Wesak-feest”. Onder leiding van De Bloem van de Witte Broederschap komen wij en vele andere Meesters bij elkaar om het feest van het licht te vieren. En telkens vertelt de Bloem ons dat zij besefte niet zonder licht te kunnen leven. Om eeuwig te kunnen leven moest zij onafhankelijk kunnen ademen in het licht. Er was maar één mogelijkheid om dit te realiseren. Dat was ZELF licht te worden! Zolang het licht zal zijn zal Zr. Wira blijven bestaan. Toch is zij niet de logos van het licht, noch die van de Zon. Zij is slechts zichzelf.


Hoewel zij aan het hoofd staat van de Witte Broederschap is zij ook onderdanig aan de Broederschap. Dat geeft haar inzage in het leven. Al de kleuren die ge in een bloem kunt aantreffen zijn in haar aanwezig. Al de geuren die een bloem maar kan verspreiden bevinden zich in haar aura. Al de liefde die een wezen voelen kan wil zij met u delen.

Toch heeft zij u willen overd­ragen dat zij niet anders is dan wat U bent. ­ Gij bent immers uit het licht voortgekomen. Hoe kunt ge dan zeggen dat het duister is om u heen of dat anderen duisternis in uw leven binnenbrengen?

De ziel die ge bent, mijn vrienden op Aarde, zit verscholen in het lichaam wat ge bewoont. Wanneer ge de ziel die ge bent evenveel waar­de toekent als het lichaam wat ge hebt zal uw ziel gehuld worden in een monstrans van geestelijk licht en goddelijk goud.


Over bergen en dalen,

kwam ik tot u...

Via zeeën en rivieren,

ga ik van u...

Doch niet voordat...

gij mijn meditatie begrepen hebt.



©  Copyright  www.lichtsferen.com